AIM en het belang van authenticiteit bij tieners

Gepubliceerd op 9 januari 2026 om 15:30

Na vele jaren de AIM-methodiek te hebben gebruikt in mijn onderbouwlessen, ben ik geneigd om deze als volgt te typeren: Leerlingen (leren) zeggen wat ze willen zeggen omdat dat nodig is om te doen wat ze willen/moeten doen. Het gaat hier om authentieke (natuurlijke) communicatie, dat wil zeggen, communicatie die gebaseerd is op echte behoefte van tieners en die niet ontstaat als leerlingen een rol spelen maar als ze zichzelf zijn. Terugkijkend op 42 jaar als docent Frans, kan ik niet anders dan stellen dat het streven naar veel authentieke communicatie in de les een sleutelrol vervult in het proces van taalverwerving. Tegelijkertijd durf ik te beweren dat er op dit moment maar één methodiek is die in staat is om het aandeel "authentieke communicatie" in de les te maximaliseren: AIM.

Veel communicatie binnen het klaslokaal kan authentiek zijn omdat er veel gesproken kan worden over onderwerpen die de leerlingen bezighouden. Tieners hebben immers extreem sterke sociale behoeftes: ze doen graag dingen samen, ze willen elkaar helpen en geholpen worden en ze willen zich graag meten met anderen door spelletjes te doen (‘gamification’). Maar tieners hebben ook sterke individuele behoeftes. Ze willen naar de wc, ze willen praten over gebeurtenissen in hun leefwereld en zelfs in de wereld om hen heen, ze willen praten over toetsen en cijfers, over wat ze moeilijk vinden, ze willen eerder weg, ze komen te laat in de les en willen dit uitleggen, ze willen echt snappen wat ze moeten doen, ze willen weten of ze iets goed doen, enzovoort.

In veel hedendaagse leergangen worden situaties gebruikt die moeten helpen om authentiek taalgebruik te faciliteren: naar de bakker, de weg vragen, naar het VVV-kantoor, enz. Naar mijn mening is dit slechts schijn-authenticiteit. Voorbeelden van echte authentieke situaties voor tieners zijn eerder: presentie/absentie, groepen indelen, tweetallen kiezen, succescriteria bespreken, groepspunten tellen en bijhouden, spelregels bespreken, de winnaar bekendmaken, kaarten uitdelen en tellen, blaadjes uitdelen en innemen, rollen verdelen bij het lezen, personages kiezen bij het spelen van een verhaal, samen nadenken over hoe je als groep kunt samenwerken, enz.

Met AIM werd de wereld van mijn klaslokaal veel vaker onderdeel van de natuurlijke leefomgeving van mijn leerlingen en nam de mate van authenticiteit van het taalgebruik in de les toe. De gezichten van mijn leerlingen spraken meestal boekdelen als ze mijn lokaal in kwamen of bij diverse activiteiten in de lessen. Leerlingen die ik daarover sprak zeiden dat ze bij mij niet naar een les gingen om iets te leren maar dat ze leuke dingen gingen doen. Ik denk dat ze bedoelden dat ze bij mij het masker konden afzetten en zichzelf konden zijn.

Veel onderdelen van de AIM-methodiek voorzien in behoeftes van tieners: het regelmatig terugkerende klassengesprek waarbij klassikaal in de doeltaal gesproken wordt over wat de leerlingen op dat moment bezighoudt. Dit gebeurt vooral door de techniek van Teacher Led Self Expression (TLSE). Meer informatie over deze techniek is te vinden via de website van AIM Language Learning. Een tweede pijler van de AIM-methodiek is de succeservaring: Door zorgvuldig gebruik te maken van ‘scaffolding’ technieken, door veel herhaling en door zorgvuldige feedback-technieken hebben alle leerlingen elke les weer het idee dat ze iets kunnen, dat ze competent zijn. Ook is de AIM-klas een klas waar leerlingen veel dingen samendoen en verbondenheid met anderen ervaren: Naast het eerdergenoemde klassikale spreken werkt een leerling vaak in tweetallen of in groepen of zelfs als klas (tegen een andere klas). Tenslotte worden er in een AIM-les veel spelletjes gedaan. Dit zorgt voor een grote mate van autonomie en authenticiteit omdat het een belangrijk onderdeel is geworden van de leefwereld van tieners.

 

Wim Gombert (zie ook mijn blogs over authenticiteit)

Reactie plaatsen

Reacties

Er zijn geen reacties geplaatst.